Niet de politie en justitie zorgen voor verandering, maar de markt
In oktober 2008 publiceerde NRC Handelsblad een artikel waarin politiecommissaris Max Daniel vertelde dat wietkwekers in Nederland jaarlijks ruim twee miljard euro zouden verdienen met de illegale export van wiet. De vraag vanuit Engeland, België, Duitsland, Frankrijk en de Scandinavische landen zou enorm zijn. De politie schatte dat jaarlijks meer dan 500.000 kilogram in Nederland geteelde wiet naar het buitenland werd gebracht. De politiek werd voorgehouden dat dit ten minste 80 procent van de in Nederland gekweekte wiet was. Met andere woorden; er zou jaarlijks 625.000 kilogram In Nederland worden geteeld en ‘slechts’ 125.000 kilogram daarvan bleef in ons land om zo’n 400.000 consumenten van wiet in Nederland te voorzien.
De schatting van de politie was in mijn ogen schromelijk overdreven, maar de publiciteitscampagne van Daniel was succesvol. De politiek stelde geld en middelen ter beschikking om de ‘enorm uit de klauwen gelopen wietteelt’ stevig aan te pakken. Klikkers werden actief opgeroepen anoniem melding te maken van hennepkwekerijen. Later bleek overigens dat er ook politiemensen waren die anoniem melding maakten bij het meldpunt meld misdaad anoniem. Zij misbruikten de kliklijn om zo een onderzoek te kunnen opstarten naar adressen waar zij aandacht voor hadden, maar te weinig reden voor een huisbezoek. De politie had jaren achter elkaar de handen vol aan ontmantelingen. Er werden zelfs ‘ruimteams’ geformeerd die periodiek in samenwerking met fraude-inspecteurs van energiebedrijven een rondje maakten langs de verdachte kweekadressen.
De jaarlijkse cijfers logen er niet om. Tot 2015 werden jaarlijks zo’n 6000 wietkwekerijen leeggeruimd. Daarna liepen deze aantallen steeds verder terug. In 2019 nog zo’n 3600, in 2023 1230 en in 2024 nog maar 895. De politie verklaart de afname in het aantal ontmantelde wietkwekerijen door een aantal factoren. Een belangrijke factor zou het gebrek aan capaciteit (tekort aan personeel) en prioriteit (er zijn belangrijkere dingen te doen) zijn.
Langzaam groeit ook bij de politie het besef dat er wiet wordt geïmporteerd uit het buitenland. Eerder kreeg de enorm toegenomen productie van wiet in Spanje en de aanwezigheid van Spaanse wiet op de Nederlandse markt nog weinig aandacht van de politie. Het wietlandschap verandert voortdurend. Niet de politie en justitie zorgen voor verandering, maar de markt.
Afgelopen mei heb ik dit met eigen ogen in Bangkok mogen zien. Wat mij opviel waren de grote prijsverschillen. In een toeristenstraat kocht ik een gram wiet voor €10 - €14, terwijl deze in een achterafstraatje voor maximaal een vijfde daarvan werd aangeboden. Thaise consumenten zouden volgens informatie die ik kreeg voor €1,50 per gram prima wiet kunnen kopen.
De gevolgen van de Thaise overproductie zijn helder en voorspelbaar. Als het aanbod vele malen groter is dan de vraag gaat de prijs omlaag. Veel passagiers bleken de afgelopen periode hun vakantiereis naar Thailand financieel aantrekkelijk te maken door wiet in de koffers mee terug te nemen. De verleiding is groot als je in een land iets legaal kunt kopen wat in een ander land verboden is, terwijl je daar goed aan kunt verdienen.
Thailand heeft de wet inmiddels aangescherpt door cannabis alleen nog maar voor medicinale doeleinden beschikbaar te houden voor de ‘patiënt’. De verwachting is dat een flink aantal artsen een baantje zal krijgen in een ‘dispensary’ om wiet via een doktersrecept alsnog makkelijk aan de man te brengen. Kijk wat dat betreft naar Duitsland. Daar is de medicinale cannabis via e-commerce eenvoudig verkrijgbaar. Online krijg je eenvoudig een doktersrecept en kun je mooie wiet kopen voor nog geen €5,50 per gram. De Duitse cannabisconsument kan op deze manier veel goedkoper wiet kopen in een Duitse apotheek dan in een Nederlandse coffeeshop.
De (drugs)economie kent dezelfde principes van vraag en aanbod als de reguliere markt. In het boek met de veelzeggende titel Narconomics van Tom Wainwright is dit goed beschreven. De legalisering van cannabis in Canada en diverse staten van de Verenigde Staten bracht de mogelijkheid om via de aandelenbeurs te investeren in enorme wietkwekerijen.
De ondernemers die kapitaal zochten deden hetzelfde als politiecommissaris Daniel in 2008: flink overdrijven om zo meer geld en middelen binnen te halen. De omvang van de cannabismarkt werd als waanzinnig groot ingeschat. Het gevolg laat zich raden: enorme overproductie. In de periode 2019 tot en met 2021 werd in Canada 872,4 ton cannabis vernietigd, omdat daarvoor geen legale binnenlandse markt bleek te zijn. Diverse grote cannabisbedrijven gingen op de fles en aandelen daalden fors in waarde. Ook de prijzen van wiet daalden stevig als gevolg van hevige concurrentie.
De overproductie in Canada biedt natuurlijk goede kansen voor de illegale markt. Het zal niet verbazen dat de Douane en de Koninklijke Marechaussee een flinke toename van inbeslaggenomen wiet rapporteren. De wiet komt het land binnen via zeecontainers, luchtvracht en passagiersstromen.
Het mooie van een land als Canada voor de smokkelaar is dat daar heel wat producten te koop zijn die heel goed als deklading kunnen worden gebruikt. Van landen zoals Venezuela en Colombia weten we inmiddels wel dat de cocaïne wordt vervoerd tussen bananen en bevroren vis. Dat zijn de producten die logischerwijs uit die landen naar ons land worden vervoerd. Weinig andere keuzes.
Voor de import van wiet uit landen zoals Canada, maar uiteraard ook de Verenigde Staten, heeft de smokkelaar veel meer mogelijkheden. Dat bemoeilijkt de selectie van verdachte transporten door de douane. Ook vanuit Thailand wordt een toegenomen import vastgesteld. De volledige legalisering van cannabis die daar door een wetsfoutje lijkt te zijn ontstaan heeft geleid tot een reusachtige productiemarkt en een heuse wildgroei aan afzetmarkt. Verkooppunten van cannabis schoten als paddenstoelen uit de grond.
Gaan we in Nederland ook forse prijsdalingen zien, wordt mij vaker gevraagd. Het antwoord is simpel. Natuurlijk. Dat zie je in de groothandel nu al. De markt laat zich ook in een land als Nederland niet sturen door strenge regels van de overheid.
Kijk naar tabak. In Trouw verscheen onlangs een artikel met de kop ‘Tabakstoerisme maakt dure pakjes zinloos’. Volgens het RIVM zou 60% van de in Nederland gerookte sigaretten niet hier, maar in het buitenland worden gekocht. Dat verbaast niet als je leest dat een pakje sigaretten in Luxemburg €7 kost en hier €12. Denk je dat dit anders is bij wiet? Ik denk van niet.
Consumenten laten zich leiden door de prijs en kwaliteit en handelaren doen hetzelfde. Als het goedkoper is wiet te importeren vanuit het buitenland dan hier te telen past de markt zich soepel aan. De teelt daalt dan en de import neemt toe. Dat is wat we nu al jaren in mijn ogen zien. Doordat er veel minder wietkwekerijen actief zijn in ons land worden er ook veel minder opgespoord.
Het wietlandschap verandert voortdurend door zich aan te passen aan de economische omstandigheden. Dat valt niet tegen te houden.